Het is niet altijd even gemakkelijk kinderen iets aan te leren. Wat zo ‘normaal’ lijkt voor jou als docent(e), kan voor een kind heel moeilijk zijn. Hoe leer je kinderen de juiste cadans te voelen? Voor de muziekdocent(e) is het als vanzelfsprekend met de juiste puls een vierkwartsmaat te klappen, of om zuiver te zingen. Maar nu is het de taak voor de muziekdocent deze kennis over te brengen naar zijn/haar leerlingen. Wat zijn de do’s en don’ts om dit aan te leren? We bespreken achtereenvolgens: de do’s en don’ts voor cadans aanleren en de do’s en don’ts voor zuiver zang.
Cadans
Do’s:
1. Zet als docent(e) je lijf in en gebruik mimiek.
2. Maak het visueel door middel van het bord.
3. Gebruik begeleidingsinstrumenten of een djembé of trommel als basis.
4. Gebruik spraak, bijvoorbeeld kwartnoten, ta; achtste noten, ti en de halve noten to. Of zet het op tekst (steunteksten)!
5. Laat de kinderen de cadans voelen met beweging. Laat de kinderen de ogen dicht doen en de rest van hun lichaam gebruiken. Laat ze eens naar elkaar luisteren: oortjes open!
6. De hartslag van een kind van groep 3 is hoger dan dat van een kind van groep 8. Ritme voelt lekker aan als het dicht bij het ritme van het lichaam zit. Ritmes voor kinderen van groep 3 mogen daarom best sneller. Laat de kinderen maar eens lopen door de klas, dan zie je wat een lekker tempo is voor de kinderen.
7. Leer ze alles aan in kleine stappen.
Don’ts:
1. Meegaan met het tempo als de kinderen versnellen. Kinderen ervaren vaak het plezier van versnellen.
2. Ongeduldig zijn.
3. Maak het niet te ingewikkeld voor de kinderen.
4. Wissel niet snel van soort cadans. Herhaling is juist de kracht!
5. Een nummer in 6/8 zingen, terwijl je daarvoor de cadans hebt geoefend in vierkwartsmaat. Trek de cadans door!
Zuiver zang
Do’s:
1. Zing op de juiste toon het liedje voor. Zó vanzelfsprekend, maar zó belangrijk!
2. Herhaal het voor- en nazingen en wees ook duidelijk in het voor- en nazingen.
3. Let wel met een liedje op de toonhoogte: past het liedje wel in het stemregister van de kinderen?
4. Koppel de zang aan bewegingen. Op die manier wordt er meer gelet op de bewegingen. Als het lichaam juist werkt, gaat de zang automatisch ook beter.
5. Laat de kinderen eens naar elkaar luisteren. Zet ze bijvoorbeeld in een kring en laat ze een toon doorgeven.
6. Neuriën. Laat de kinderen ook eens zacht zingen.
7. Stel eisen en motiveer de kinderen: ‘Zing zo mooi als je kan!’ Laat de kinderen op het puntje van hun stoel zitten en zeg dat ze ‘trots’ moeten zingen.
8. Zing zelf als intro de melodie → gebruik de flow.
9. Maak gebruik van wisselzang, afwisseling van groepjes.
10. Maak gebruik van het spelelement. Spelend leren!
Don’ts:
1. Meteen de tekst geven van het liedje. Laat ze hun oren gebruiken!
2. Alles stilleggen na elke foute noot.
3. Constant herhalen. Na een tijdje is het ook goed om op te houden. Laat de muziek rustig in hun geheugen doordringen.
4. Onduidelijke grafische notatie.
5. Te hard begeleiden.
6. De hele tijd meezingen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten