Oké, in les 4 werd er een hele vooruitgang geboekt wat betreft ritmes lezen en klappen. Echter; de kinderen hebben wel moeite met het lezen en klappen van (voornamelijk) de halve noten. Logisch wel, want ta klinkt in beginsel even lang als to. Voor les 5 had ik daarop iets bedacht: to-o! Dus ging ik weer experimenteren of dat misschien de oplossing was voor de lengte van de halve noten. Jawel, de kinderen maakten er gebruik van en ze begrijpen nu ook beter wat er staat. Een aantal kinderen heeft nog moeite met het lezen en klappen van ritmes, dat wel. Maar belangrijk is dat zij nu weten wanneer ze iets fout doen. Dan hoor ik zo’n kinderstemmetje: ‘Oh wacht, oh nee. Mag ik het nog een keer doen?’ Vaak als er een aantal kinderen solo het ritme hebben geklapt, geef ik de opdracht het met zijn allen te klappen. Dan volgen er vaak geluiden van zuchtende kinderen die eigenlijk ook het ritme zelfstandig wilden klappen en wilden laten zien dat zij het konden.
Oefening baart kunst blijkt maar weer, want ik ben al vanaf de eerste les met ritme bezig. Ik zie hoe mijn leerlingen stap voor stap vooruit gaan. De kinderen vinden het nog steeds leuk, vooral omdat zij steeds gedreven zijn om meer te klappen; ze willen steeds verder komen! Ook denk ik dat de kinderen hebben gemerkt dat ik standaard de les begin met het onderdeel ritme. Naast het feit dat het een belangrijk onderdeel van muziek is, is het ook een goede warming-up voor de leerlingen!
Al weken wemelt het van de pepernoten en de chocoladeletters in de schappen van de supermarkt: het Sinterklaasfeest is in aantocht. Voor veel kinderen een spannende tijd en dat is te merken in de klas. En omdat het feest er aankomt, vervolg ik mijn vijfde les met het aanleren van een nieuw liedje, een sinterklaasliedje: ‘Sinterklaas is verdwenen’. Een superleuk liedje met een mooie melodie, dat gewoon prettig in het gehoor ligt bij zowel volwassenen als kinderen. Een liedje dat je zo weg zingt!
Dit keer stortte ik mij weer op een andere aanleermethode (daar is stage immers voor; doen, denken, doen! Experimenteren, uitproberen, ervaring mee opdoen en er vervolgens je lering eruit halen). Ik heb hierbij de voorbeelden gebruikt uit de liedbundel ‘EigenWijs’ en er vervolgens zelf nog wat vragen bij bedacht. De zelfbedachte luistervragen werkten goed, vragen die gaan over de tekst met als doel de vraag te kunnen beantwoorden: ‘Waar gaat de tekst van het liedje over?’
De opdracht uit de bundel, met de vingers knippen op het juiste moment, is ook een leuke opdracht om te doen met de kinderen. Ze pikken het ook snel op.
Maar de vraag uit ‘Eigenwijs’: ‘Uit hoeveel zinnen bestaat dit lied?’ is een vraag die ik in het vervolg nooit meer zal stellen als ik dit nummer aan kinderen zal leren. Het liedje bestaat uit vier zinnen, maar wel vier zinnen met meerdere komma’s. Het lijkt er dus op dat er meerdere zinnen zijn. Een vraag die verwarring oproept bij de kinderen en daarmee weer een beetje onrust brengt in de klas. Weg was de ‘flow’, die ik zo mooi opgebouwd had met mijn eigen vragen. Ik ben blij dat ik de vraag uit de bundel heb uitgeprobeerd; zo weet ik in ieder geval voor de volgende keer dat ik deze vraag niet meer zal stellen bij het aanleren van dit lied.
De kinderen hadden door de opdrachten het liedje al meerdere malen gehoord en wilden ook allang het liedje meezingen.
Voordeel: de kinderen leren op een zeer snelle manier een liedje aan en kunnen het zo meezingen!
Nadeel: er ontstaat wel een vraag naar een hoger lestempo vanuit de kinderen; zij willen juist graag het nummer al meezingen. (maar dat is juist leuk, het houdt ze betrokken bij het liedje en bij je les)
Maar o wat is dit een leuk liedje om te zingen met de klas! Ik vind het zelf ook een liedje met een mooie, spannende melodie.
Les 6. Nog een sinterklaasliedje! De ‘Sinterklaasrap’. De kinderen uit mijn klas vinden rappen helemaal geweldig, maar ze kunnen dan ook wel een beetje errug druk worden haha! Ik wilde deze les wel beginnen met ritme klappen, maar dit keer lazen de kinderen het ritme van de hele ‘Sinterklaasrap’. Tja, het feit dat ze wisten dat het de rap was, zorgde er weer voor dat er een hoger lestempo gevraagd wordt. Kinderen willen het eigenlijk al rappen en raken een beetje ongeduldig. Wat te doen? De laatste regels van de rap deed ik voor en de kinderen lazen mee en deden het ritme klappen na. Vervolgens de tekst erop en voilá: de Sinterklaasrap!
Helaas kreeg ik wel een rommelig gevoel van les 6. De kinderen waren druk en de jongens werden afgeleid door jongens die normaal niet in de klas zaten (er was een juf ziek). Nog voor ik überhaupt begon aan mijn les, was ik eigenlijk al begonnen met een les met onrustige kinderen. Er was bovendien ook iemand jarig, waardoor mijn les werd ingekort. Ik heb niet mijn hele les kunnen uitvoeren helaas, maar dat is al eens gebeurd en zal ook nog wel vaker gebeuren. Helaas pindakaas.
De sfeer in de klas vroeg om een hoger lestempo. De kinderen wilden de rap, zoals verteld eigenlijk al rappen. Door het feit dat de kinderen dus onbewust om een hoger lestempo vroegen, verdween daarmee ook mijn ‘flow’ en ontstonden er ‘ruismomenten’.
Wat ik van deze les heb geleerd? Mij aanpassen aan de sfeer in de klas en het lestempo verhogen als de sfeer in de klas daarom ‘vraagt’. Ik ben overigens wel tevreden over het feit dat ik al een vraag had voorzien. (wat is een ‘strop’?) Het is toch fijn om dat soort dingen door te nemen met de klas: begrijpen zij de tekst van de rap?
Al met al een beetje een rumoerige les in mijn ogen: in het vervolg zal ik beter letten op de sfeer in de klas, maar ook weer gebruik maken van ‘technieken’ die ik eerder heb geleerd tijdens deze stage, zoals ‘zachter praten’, verhaaltjes vertellen, etc. De ‘flow’ voortdurend laten doorgaan en ‘ruismomenten’ voorkomen.
Nu heb ik veel geleerd uit eigen ervaring, maar hebben jullie nog tips tegen (alle soorten) ‘ruismomenten’? Blog ze!;)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten